Hittefit (3)

Stap in de trein, dan ben je gegarandeerd ‘hittefit’. De NS heeft de airco zó op orde, dat een omslagdoek geen overbodige luxe is.
Goed. Wij op weg gister (met de trein) naar Tilburg. Aldaar, op een plein onder de stadslinden, bewonderden wij onze kleindochter en haar studiegenoten met hun acrobatische bewegingen.

Zomer 2025:
“Oma, ik ga naar een circusopleiding.”
“Meissie, dat lijkt me leuk. Maar…?”
“Maak je geen zorgen, we leren ook over voeding, sales, financiën, organisatie.”
“Mooi zo.”
“Vooral oma, omdat daar mijn passie ligt.”
“Daar gaat het om. Doen dus.”

Zomer 2026:
Onder de lommer van die linden in Tilburg zagen wij wat passie al niet teweegbrengt.
Zij tilde, zij danste, zij spande spieren, zij sprong, zij was ongenaakbaar, zij nodigde uit.

Oma smolt, opa pakte zijn zakdoek.

Willie Hittefit
20 juni 2016.

Posted in Kleinkinderen, Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor Hittefit (3)

Hittefit (2)

De dag moest nog een beetje ontluiken.
De slakken hadden op tijd hun heil gezocht, voor hen geldt zeker Hittekracht 9: “Alle hens aan dek. Geen discussie, geen vragen, verdwijn subiet naar nattige omstandigheden”.
Het was al warm.
De bijen en hommels zoemden als een symfonie van belofte in en rondom onze bodem- bedekkende campanula’s.
Kinderstemmetjes uit naburige stegen fladderden ons tuintje binnen. Stoepkrijten voor het te warm wordt.
De klokken van de Sint Jan beierden tot tien.

De rest van de dag onder de plataan met een boek.

Willie Hittefit
19 juni 2026

Posted in Perspectief, Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor Hittefit (2)

Hittefit

Omdat ik van het KNMI toch niet naar buiten mag, want flink boven de 75 en hittekracht 9, ben ik me gaan verdiepen in het fenomeen, zoals genoemd ‘hittekracht’. Welnu, het was een ingewikkelde exercitie waar ik het bijna warm van kreeg.
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat beschrijft op tientallen pagina’s hoe het zover gekomen is. Internationale overleggen, wetenschappelijke onderzoeken, maatschappelijke consequenties, meteorologen alles en iedereen aan de slag, om te voorkomen dat hitte een groter probleem wordt dan nodig is.
Het mondde uit in ‘hittekracht’, de nieuwe index hoe zwaar hitte aanvoelt. Ik las verder dat het niet alleen gaat om de kracht van de zon, het is een ratjetoe van vocht, wind, zon en temperatuur. Allemaal nodig? Voor mij niet, maar ik ben niet alleen op de wereld.

Ineens blijk ik mezelf, een paar pagina’s verder, als ‘hittefit’ te mogen oormerken, omdat ik de hitte kan mijden, luchtige kleding heb én me aanpas met een boekje onder een plataan. Mijn leeftijd lijkt als sneeuw door (dezelfde) zon plotsklaps verdwenen. Tja.

Blijft een vraag mij bezighouden: Komt er in de winter een ‘koudekracht’? En ben ik dan ‘koudefit’?

We wachten af.

Willie Hittefit
18 juni 2026

Posted in Perspectief, Uncategorized | Reacties uitgeschakeld voor Hittefit

Postzegel en Soda

Met twee twaalfjarige meiden zit ik aan een keukentafel in Leiden. We praten over de schooldag: over leuke en stomme klasgenoten, over wie de hoofdrol in de eindmusical krijgt, over de voortgangstoets en welke “middelbare” op het wensenlijstje staat.
Ondertussen werken we hard aan een kaart voor een jarig nichtje, die best héél ver weg woont. Zodoende komt “post” ter sprake.
Meisje 1: “Oma, heb jij een postzegel?”
Meisje 2: “Hé, wat is dat een postzegel?”
Oma verslikt zich in haar thee. Nadat zij weer is bijgekomen:
“Een zegel die je plakt op deze kaart, en dan gaat ie naar Frankrijk.”
Meisje 2: “Kost dat geld?”
Meisje 1: “Natuurlijk, want de postbode moet toch ook boodschappen doen en die zijn heel duur, jôh.”

Drie dagen later in Gouda. Er ligt een grote hondendrol in de straat bij de voordeur van onze jonge buurvrouw. Deze moeder en haar puberzoon houden het geveltuintje bij alsof zij een landgoed beheren. Zij versieren hun huis met Kerst, met Halloween, met Pasen, iedereen vrolijk. Maar dan: die hondendrol, een beetje platgedrukt en uitgelopen in de straat.
“Buurvrouw, heeft u misschien een bezem?”
“Ja hoor. Ga je peuken vegen?”
“Nee, smerig. Hondenpoep.”
“Ik kom wel even, neem ik soda mee. Zorgen jullie voor heet water?”
“Soda, wat is dat?”
“Een soort schoonmaakmiddel dat ontsmet en honden vinden het vies ruiken. Zo blijven ze meestal uit de buurt.”
“Waar koop je dat en wat kost dat dan?”
“Gewoon, in een plastic zak bij AH, Kruidvat of zo en het kost geen hout.”

Postzegel? Soda?

Tja, vorige eeuw zong Bob Dylan het al: The Times The Are A-Changin’.

Willie
8 mei 2026

Posted in In en om de Keizerstraat, Kleinkinderen | Reacties uitgeschakeld voor Postzegel en Soda

Verzoek aan het koningspaar

Nu jullie tussen de lakens kruipen in het Witte Huis, heb ik een verzoek. Het zit zo. Ik draag al vele jaren op Koningsdag een vrolijke oranje corsage in mijn haar. Dit jaar écht niet meer, ik kan het niet rijmen, dat “uit naam van Oranje” gezellig gelogeerd gaat worden onder het dak van een boef.
Willem en/of Maxima, mag ik mijn corsage op de post doen, zodat hij in de koffer meekan, in de hoop dat ik hem nooit meer terug zie. Misschien is de first lady er blij mee, zou zomaar kunnen.

Willie, 11 april 2026

Posted in Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Verzoek aan het koningspaar

“Snotneus” (2)

Het kwam niet door de loeikoude wind, ook niet van een wortelkanaalbehandeling. Kwam ook niet van de strapatsen van een zekere meneer T. uit Amerika, dat ik wederom zocht naar iets dat mijn natte wangen kon deppen.
Vandaag waren drie viervoeters en hun baasjes de oorzaak. Ik ga het uitleggen.

Elke week, al decennialang, komt een groep nieuwsgierige dames en heren enthousiast samen om kennis te vergaren over alles wat een mens kan bezighouden. Zo goed en zo kwaad als het gaat ben ik het aanspreekpunt, de leidster en de organisator. Deze week hadden we bezoek. Goed geraden, bezoek van drie viervoeters en hun baasjes.

Marjanne en Hub, zo mag ik hen noemen, zijn volledig, maar dan ook écht volledig afhankelijk van Cissy en Igo: hun honden met trouwe ogen en glanzende vacht.
Knap staaltje van loyaliteit en vertrouwen.
Cissy en Igo luisteren niet alleen, zij voelen, zij weten, zij handelen. Opgeleid bij het KNGF in Amstelveen, waar een goede puppytijd in een gastgezin aan voorafging, vertrokken zij onafhankelijk van elkaar naar Marjanne en Hub.
Twee assistentiehonden bij één echtpaar? Welzeker. De reden? Laat ik het maar plat zeggen: ”De ene handicap is de andere niet.” Onze gastsprekers zijn beiden afhankelijk in alle huiselijke en dagelijkse handelingen van het tweetal. Tandenpoetsen? Douchen? Koken? Telefoon opnemen? Gevallen bril op rapen? Glaasje drinken? Was ophangen? Tafel dekken? Je kunt het zo gek niet bedenken of het duo staat paraat.

Twee uur lang luisterden wij ademloos naar ervaringen en verhalen. Cissy en Igo liggen zogenaamd slaperig in de nabijheid van hun baasjes. In dromenland? Echt niet. Bij het minste of geringste spitsen zij hun oren of openen tersluiks eventjes één oog. “Alles ok met Marjanne? Alles ok met Hub? Dan gaan we weer doen alsof we slapen.”

Er is nog een derde viervoeter. Maar hij is met pensioen, na een actief assistent-hondenleven. Tja, wie kan zomaar afscheid nemen van zoveel trouw? Marjanne niet. Daarom mag hij blijven.

Nu geven Marjanne en Hub met de drie honden voorlichting over het wel en wee van hun leven. Met een lach en een traan, met humor en acceptatie. Met dankbaarheid en strijdvaardigheid.

Tegen zoveel positiviteit was ik niet bestand. Vandaar.

Willie,
29 maart 2026

Posted in Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor “Snotneus” (2)

“Snotneus” (1)

Je kunt wel stellen dat ik geen snotneus meer ben. Alhoewel het lastig is, dat nu de lente een voet tussen de winterdeur krijgt, ik een enorme snotneus héb. Jerommeke is er niets bij. De stapel katoenen zakdoeken slonk in een paar uur tot nul, dus op naar winkel. Gewoon voor papieren vervangers, ook wel zo hygiënisch. Mijn wazige hoofd zette zorgen om het milieu even op een zijspoor. Daarna openbaarde voor mij een grenzeloos scala over wat er allemaal te koop is om onze snot af te voeren. Misschien omdat het leven al serieus genoeg is? De commercie ruikt bloed, inventieve geesten laten kassa’s rinkelen. Ieder zijn hobby, maar ik wil gewoon zakdoekjes die lijken op de velletjes van een keukenrol, alleen in een zachtere versie.
Bijna was ik verleid, ik werd als het ware binnengezogen in een wereld van aanbevelingen. Morgen, nee vandaag al, wordt beterschap beloofd.

Een kleine greep uit het assortiment van de wegwerp zakdoeken.
Een schrale huid? Geen probleem meer met “Chamonille Aroma”.
Kloofjes in de neusgaten? Opgelost met “Aloë Vera”.
Lamlendigheid? Het is het proberen waard, met een tekst als: “For a better mental health”.
Reukvermogen even op non-actief? Blijf alert met het “Aardbeien aroma”.

Kortom, voor snottebellen en aanhangend ongerief is een markt ontstaan die zijn weerga niet kent.
Natuurlijk leggen de oude vertrouwde katoenen zakdoeken het ooit af tegen gemak en tegen hygiëne, want zo best is het niet om een vunzige lap met snotters een paar dagen in je broekzak te bewaren.

Maar! Als het op romantiek aankomt, pleit ik voor het behoud van kleine witte kanten zakdoekjes voor een bruid, om haar bruidstraan weg te deppen. In de aller, aller romantische optie reikt de bruidegom zijn schone witte zakdoek aan.
Tja.

Ik kocht geen voorraad met afbeeldingen van Takkie, geen stapels met hartjes. Geen frutsels en fratsels. Geen met de afdruk van de Zonnebloemen van Van Gogh, ook niet met De Schreeuw, noch iets van Picasso. Niet met de Kerstman, ook al waren die nu te koop voor een grijpstuiver. Zelfs bij de Hema slenterde ik voorbij het zakdoekenschap, wie wil er nu tompoezenlucht in de verkouden neus?

Zeeman bracht uitkomst.

Willie
28 februari 2026

Posted in Perspectief, Verhalen | Reacties uitgeschakeld voor “Snotneus” (1)

Soms …

Woensdagmiddag, rond het middaguur ben ik bij een grote buurtsuper aan de rand van onze stad. Vooraan in de winkel liggen tientallen broodjes met warme worst, croissants en iets wat op saucijzen lijkt. Iets verderop staan bakken met zakken chips in alle denkbare soorten verleidelijk opgesteld. Logisch wat binnen een straal van een paar honderd meter zijn twee middelbare scholen gevestigd. “Pubers hebben altijd honger” (trek?) is in beton gegoten.
Maar elk voordeel voor de grutter heeft hier ook zijn nadeel, scholieren kunnen óók proletarisch winkelen.
Daarom staat er een flinke klerenkast bij de deur. Hij lijkt mij niet voor de poes.
Iedere klant krijgt een begroeting, de pubers incluis. Plots is er een voorval, ik bekijk en beluister het vanachter het schap met tientallen soorten hagelslag.

“Hé, brada, je hoodie af.”
“Zoek je fittie?”
“Nee, het is geen fatoe. JE HOODIE AF.”
Chill, man. Moeder heeft in de dom ook haar attie op. Elke zondag, weet je. Dan gaat ze bidden ofzo.”
“Kan wel wezen, maar het is hier geen dom, hier zijn andere regels. JE HOODIE AF.”

Met veel misbaar gaat de capuchon af, legt de brada zijn rugzak (verplicht) in een grote bak, met forse stappen beent hij de winkel in.

Even later staat hij voor me bij de kassa met een volkorenbrood brood en een halve liter havermelk.

Soms …

Willie,
29 januari 2026

Posted in Perspectief, Taal | Reacties uitgeschakeld voor Soms …

IJs doet alle plannen smelten

Herken je ook de lichtjes in de ogen en koortsige blossen op de konen van de winterliefhebbers? Het lijkt misschien op een gewone huis- tuin- en keukenkoorts, maar het is anders; het is schaatskoorts. Deze aandoening is niet gevaarlijk, laat staan levensbedreigend, het ontregelt wel.

Een overvolle agenda blijkt ineens een lange lunchpauze te herbergen, zodat er een paar baantjes getrokken kunnen worden. Afspraken afgezegd, verplichtingen komen op een laag pitje. Een verjaardag kan wachten en de boodschappen hebben geen haast. Ik ken dat gevoel, wanneer het S-woord daar is. Het is me met de paplepel ingegoten.
Rond mijn vierde hoorde ik mijn moeder op een ijzige ochtend zeggen: ‘Kom Hein, de ijzers moeten uit het vet’.
‘IJzers uit het vet?’ Wij hadden in onze kelder van alles en nog wat, in óf onder het vet, voor onzekere dagen. Maar ijzers in het vet?
Ondertussen werden de ijzers, in veel opvolgende maten, uit het vet gehaald. Tot mijn kinderlijke verbazing niet uit een weckpot, maar gewoon uit een kartonnen doos. De ijzers, pseudoniem voor  de schaatsen dus, waren verpakt in oude kranten als bescherming tegen krassen en bramen. In de lente aandachtig ingevet met dikke lagen zuurvrije vaseline. Met mijn peuterneus er boven op, zag ik dat vader het vet er nu voorzichtig afschraapte. Deze smurrie smeerde hij op de leren riempjes van onze doorlopers. Een milieu-activist avant la lettre. Met een beetje geluk kwamen er wel nieuwe oranje vastbindlinten aan te pas.
Naast deze zichtbare handelingen van tevoorschijn halen, ontvetten, vetten, passen en linten strikken deed nog een ander fenomeen in ons gezin zijn intree. Het fenomeen van ‘even niets moeten’.
Mijn moeder, een kordate en doortastende vrouw, hield niet van uitstel, getuttel en geneuzel. Noch van ietsepietsie tegenspraak, noch van lichte vormen van ongehoorzaamheid. Geen haarlemmerdijkjes, was haar antwoord op ons, soms, weerspannige gedrag. Met ’gehoorzamen is direct doen, en niet over een uur’, leerde zij ons de opgelegde hand- en spandiensten direct uit te voeren. Jazeker.
Afwassen: meteen.
Huiswerk: direct.
Strijken: op de wasdag.
Sajet ophouden: nu.
Je vader helpen in de bloemenschuur: duldt geen uitstel.
Naar de kruidenier voor een blauwtje: over vijf minuten terug.
Sokken stoppen: vanavond.
Zondag: tijd voor de kerk. ‘Lopen alvast, Lieve Heer wacht niet.’

Totdat. Totdat er ijs lag in het slootje naast de moestuin. Het S-woord waarde vanaf dat moment door ons huis. Het elimineerde alle regels en afspraken. Een beetje onwennig door deze onverwachte wending in onze opvoeding, bonden wij snel de blokjes, de doorlopers of de zwierders onder. Vader sjouwde stoelen en sledes op de baan, moeder bracht anijsmelk. Grote broer zette de grammofoon op een bonenkist, draaide wat aan de mechaniek en Willy Derby leidde ons muzikaal de ijle vrieslucht in.
Ons huiswerk? De afwas? De strijk? Op onze vragende blik had moeder een antwoord: ‘Kinderen, ijs doet alle plannen smelten.’
Klopt, of je wilt of niet.

Willie, 5 februari 2012/ 8 februari 2021/11 januari 2026

Posted in Familie, Perspectief, Verhalen | Reacties uitgeschakeld voor IJs doet alle plannen smelten

Sneeuw heeft geen weegschaaltje

Nu de straten niet meer maagdelijk wit zijn, herinner ik me onze wandeling van afgelopen maandag.
Wij trotseerden vlokken en alle waarschuwende kleuren, van geel tot rood, dus baanden wij ploeterend een weg langs de Hollandse IJssel. Feeëriek dekte de lading nauwelijks.
Rietstengels met sneeuwpluimen, ouwe boomstronken met witte hoedjes op, vergane zomerglorie geknakt onder het gewicht van dezelfde witte deken. Meerpalen, even buiten dienst, waren door Koning Winter in een sneeuwrijk livrei gestoken.
Een reiger trok zijn nek in, schudde de ijskristallen van zich af, vast wetende dat vis en kikker voorlopig niet in zíjn supermarkt liggen.

Wij liepen verder. Rechts het ijzige water, links een begraafplaats. Stilte alom.
De doden in hun graven waren niet meer traceerbaar, alleman toegedekt met een witte laag. Ieder evenveel vlokken.
Dure marmeren grafsteen? Sneeuw heeft daar geen boodschap aan.
Eenvoudig keitje?
Directeur of schillenboer?
In genade?
Volgens de regels van wat ‘geschreven’ staat?
Eigen gepassioneerde weg gegaan?
Te vroeg, te laat?
Ongenadige ziekte?
In dierbare herinnering?
Ongeluk?

Iedereen is vandaag gelijk. Sneeuw heeft geen weegschaaltje.

Willie, 9 januari 2026

Posted in Perspectief, Verhalen | Reacties uitgeschakeld voor Sneeuw heeft geen weegschaaltje