Retrospectief

Dat heb ik weer. Ben ik eindelijk een blitse oma, omdat een iPhone 6s op mijn bureau is geland, lees ik in een NRC van enkele weken geleden, dat een kentering op het gebied van digitaal vlak gaande is.
Sommige millennials beweren, ik citeer: ‘Afwezigheid op sociale media en een oude domme telefoon in je tas zijn een nieuw teken van klasse.’ Tja.

Het herinnert mij aan een voorval van, ik denk, veertig jaar geleden.
Een vader en een moeder (schrijfster dezes) van een klein manneke hielden er regels op na, waar zij zeer bewust over hadden nagedacht. Houten speelgoed, geen plastic. Zelf verantwoord brood bakken. Een yoghurtplantje in de vensterbank. Een speelgoedkist gevuld met knijpers, trechters en bolletjes wol. Boeken met goedgekeurde teksten en prenten. Géén potjes met gezeefde groenten, maar een eigen prak. Zelfgebreide wollen jasjes en degelijke schoentjes.
De kinderprogramma’s op tv werden, natuurlijk, nauwkeurig uitgekozen.

Totdat. Het manneke werd een kleine jongeman en speelde op speelplaatsen. Zijn klasgenootjes holden in de pauze over houten bielzen en deden geluiden na die hij niet herkende. Zij schreeuwden: ‘eiffenho’, zij maakten bewegingen die op de draf van een paard leken. Verbaasd stond hij aan de kant.
‘Mama, als de kinderen op school spelen, roepen ze ‘eiffenho’. Is dat een prinsje? Heeft hij ook een prinsesje?’

Wakker geschud door die twee vragen, hebben de vader en de moeder van de jongeman ‘de knop snel omgedraaid’.
Beste millennials van een bepaalde klasse, geef je kinderen de ruimte van deze tijd. Zíj moeten verder, jullie hebben ‘verder’ allang onder handbereik.

Willie, 23 november 2018

Posted in Kinderen, Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Retrospectief

Filiaalchef

Hij rook naar koffie. Als hij zijn overjas uit deed, zijn pet op de kapstok hing, om daarna mijn oudste zus een zoen te geven, bleef ik altijd een beetje in zijn buurt. Ik vond koffie een heerlijke geur.

Hij wilde trouwen, Annie ook. Hij had een goede baan, namelijk winkel chef bij De Gruyter. Toen er boven een filiaal in Amstelveen een etage vrij kwam, vertrok mijn zus aan zijn trotse arm.

En fier was ie, de koffiegeurende zwager. Op zijn vrouw, natuurlijk, maar ook enorm op zijn baan. Elke ochtend, in een kakelverse witte jas, openende hij de winkeldeuren. Keurde met zijn arendsogen de schappen. Stonden de trommels en potten recht? Lagen de zakken thee naast elkaar? Waren de koperen knoppen van de koffiemaalmachine blinkend? Zo ja, dan mocht de clientèle binnenkomen.

Zijn winkel was een bezienswaardigheid. In mijn kinderogen ontzettend luxe: prachtige lampen, tegeltableaus met afbeeldingen uit tropische landen. Het zonlicht door de glas-in-lood gaf zijn nering in een kleurrijke aanblik. Er waren rekken met kruiden uit verre oorden, veel soorten koffie, theeblaadjes van de eerste pluk. Volgens mij was er geen bleekwater, boenwas of soda te koop.

Toen hij, de koffieman, eenmaal ons gezin kwam binnengelopen, vond mijn moeder het tijd bij De Gruyter boodschappen te doen. Niet dat ons dorp zo’n chique winkel herbergde, maar oprichter Piet had al vroeg een bezorgdienst bedacht. De ene week kwam een bediende “horen” en de andere week kwam de bestelling thuis.
Ik zat dan op het puntje van mijn stoel, om onder uit de doos het Snoepje van de Week te vissen. Geen snoep, dat was van vóór mijn tijd, maar een speeltje, een poëzieplaatje of een boekje. Klein, maar in mijn kinderogen zo’n weelde, dat ik moeder vroeg of ze áltijd bij De Gruyter wilde kopen.
De rest is geschiedenis, alhoewel ik denk dat de service, het aanbod en de inrichting van de winkels nu binnen de grachten hoge ogen zou gooien.

Willie
14 november 2018

Posted in Familie, werk | Reacties uitgeschakeld voor Filiaalchef

Jammie

Nou, nog één keer dan. Omdat ik mijn hoop vestig op Marcel Boekhoorn, die met zijn stuivers zorgt dat de Hema in Hollandse handen blijft.
Ik wil in de folder, in plaats van ‘fake fur’ jassen, gewoon kunnen lezen: ‘namaak bont’.
Ik wil dat hij de ‘dames onesie roze’, met staartje én met opdruk van tientallen Siepie’s, verkrijgbaar tot en met maat XL, subiet uit het assortiment haalt.
Maar de opkoper heeft nog meer te doen. Ik vind dat een nachtlegging(!) met luipaardenprint, ook te koop voor een pondje meer, eveneens uit het schap moet. Zélfs als deze legging makkelijk te strijken is. Dat las ik.
Heer des Huizes: ‘Willie, kom je naar bed?’
‘O, gossie, nee, ik moet mijn legging nog strijken.’
Wat een geluk voor ons huwelijk, dat ik niet van gestreken leggings hou. Helemaal niet van leggings, zeker niet in bed.
Lieve Hema, bedien het ganse volk, maak mooie dingen, hou de eer aan jezelf. Cachet met een knipoog of zoiets.

Daarnaast kan onze grootgrutter er ook wat van. Ik blader door de Allerhande van deze maand.
Bij de koffie eten wij nu ‘speculekkers’. Bij het avondeten kook ik zielige ‘buitenbeentjes’. Om makkelijk te koken, lees ik veder, heb ik een potje met kruiden van ‘by Jonnie Boer’ nodig. Natuurlijk bij elk recept een andere versie.
Mijn moeder, een milieudeskundige avant la lettre, kookte driepoot worteltjes en geschrokken spruiten naar hartenlust. Haar kruidenrekje bestond uit peper en nootmuskaat. Op hoogtij dagen kwam er ook kaneel op tafel. Dan was er rijstepap met rauwe melk van de koe van de buurman. Dat was ‘jammie’.
Jamie O. en Jonnie B. moesten nog geboren worden.

Willie, 23 oktober 2018

Posted in Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Jammie

‘Briefs’

Vandaag is het ‘Spreek Nederlands Dag’, een poging van diverse instanties om in het dagelijks taalgebruik het Nederlands te promoten. Wat heet.
Vandaag was ik naar de Hema, de Hollandse Eenheidsprijzen MAatschappij, duidelijker kan het niet. Er zijn in dit warenhuis al héél lang Hollandse worsten, handdoeken, tompoezen, kaarsen, pennen, gummetjes, pyama’s en onderbroeken voor een afgeronde prijs te koop. Kwaliteit is top, de bon bij de kassa ook. Hollandse handelsgeest. Gewoon doen, gewoon praten, kortom een warenhuis met beide benen op de grond.
Ik was dus in de Hema, dit keer op zoek naar ondergoed. Wat vervangend materiaal kopen voor de heer des huizes.
Omdat de Kerstman en zijn voorganger al een paar weken de schappen heeft veroverd, vond ik niet zo snel het gewenste artikel.
Er liep een vrolijke jonge meid, met op haar spijkerbroek het Hema-logo.
‘Ha, mag ik je iets vragen?’
‘Wat bedoelt u?’ Zij was duidelijk overdonderd door deze inleidende vraag.
‘Wat zoekt u?’
‘Ehh, ondergoed. Gewone, mannenslips, gewone. Geen shorts ofzo. Gewone.’
Het sprijkerbroeken meisjes rolt even met haar ogen, trekt een wenkbrauw en verzucht:
‘Ohh, u bedoelt ‘briefs’.
Dan weet ik het niet meer, ik was toch duidelijk? Geen brieven, maar ondergoed?
‘Links, achter in de winkel, net voorbij de sokken en de shirts. Daar vindt u ze.’ Het beste kind kan een zucht om zoveel onwetendheid nauwelijks onderdrukken.
Ik druip af met de staart tussen de benen, ga richting sokken en shirts. En jawel, daar hangen ze. ‘Briefs’ in vijf maten en twee kleuren, zwart en grijs.
Opgelucht reken ik bij de kassa, vier ‘briefs’ met ‘real lasting cotton en new improved quatity’, af.
Thuis vouw ik de korte (brief) onderbroeken op een stapeltje. Tevens hoop ik dat de Hema de ‘Spreek Nederlands Dag’ volgend jaar een warmer hart toedraagt. Gewoon, beste Hema, deze dag alle artikelen in het Nederlands aanbevelen.
Of niet. Ook goed, maar dan is ‘Spreek Nederlands Dag’ water naar de zee dragen.

Willie,
13 0ktober 2018

Posted in Taal | Reacties uitgeschakeld voor ‘Briefs’

Best mens

Heel wat uren slijt ik, zoals bekend, in de trein. Ik ben (nog steeds) een voortvarende oma, die haar hand niet verlegd om een reisje te maken naar Leiden, Groningen of Frankrijk. Ik geniet van het zoeven door een landschap, krant en boek bij de hand. Altijd water en broodje in de tas om eventuele vertragingen te overbruggen. En die zijn er, zo af en toe. Dan worden we toegesproken. Jaar en dag waren we ‘dames en heren’, maar sinds een maatregel is dat onkies. Want niet iedereen is een dame of een heer. Er zijn vele tussenvormen. De NS heeft geluisterd en haar medewerkers op cursus gestuurd: er zijn geen ‘dames en heren’ meer, maar ‘reizigers’. Dat élke conducteur/omroeper dát weet, en zich houdt aan het protocol! Tot zover.
“Goedenavond geldige kaartjesbezitters, wij komen volgens dienstregeling aan op spoor elf in Utrecht.”
“Dag medemensen, de catering komt langs in wagon 2408.”
“Dag dames en heren uit alle kringen, vanwege een aanrijding met een persoon hebben wij een ruim uur vertaging.”
“Hallo wereldburgers, er lopen schapen op de rails. Even geduld, alstublieft.”
“Beste lieden, we vertrekken een minuutje later. Vanwege de bladeren op de rails.”
Evennaasten, we moeten wachten bij een rood signaal.”
“Dag kinderen van Adam, de machinist heeft zich verslapen. Wilt u uitstappen, deze trein rijdt niet.”
Van A naar B-gaanders, wij bereiken over enkele minuten Amsterdam Centraal.”
Vaders en moeders, dochters en zonen, deze trein vertrekt zodra de man, die zich op het laatste moment tussen de al gesloten deuren heeft gewrongen, zich meldt bij de hoofdconducteur.”
Verzonnen? Was het maar zo. Ik leef met mijn notitieboekje.
Dat boekje heb ik altijd bij me, ook op de fiets. Alhoewel er al trappend minder op te schrijven lijkt. Tót ik een pompoen kocht bij een uitstalling langs een polderweg. Ik kocht een mooie grote, zegge en schrijven voor één euro.
Het was even zoeken naar het geldkistje waarin ik de schade kon deponeren. Het was een zilverkleurig exemplaar uit de tijd van mijn ouders, toen men nog baar geld in huis had voor de petroleumboer, de kruidenier, de verzekeringsagent die elke week langs kwam. Allemaal aparte vakjes. Ook een vakje voor stuivers, dat was voor de collecte op zondag in de kerk.
Op dát kistje langs de polderweg, waarin ik twee munten van vijftig liet vallen, was een briefje geplakt met de tekst: ‘U bent een best mens’.
Neuriënd vervolgde ik mijn weg. Als ik de baas was van Tante Spoor, zou ik het wel weten.

Willie,
30 september 2018

Posted in Reizen | Reacties uitgeschakeld voor Best mens

O N L I N E R E P U T A T I E M A N A G E M E N T

Een mooier woord heb ik deze week niet kunnen vinden in mijn krant. Ik ga het onthouden voor een spelletje Scrabble. Alhoewel, even nagekeken, het woord past niet. Scrabbel heeft maar vijftien horizontale en verticale vlakjes.
Wie heeft het woord verzonnen? D.Trump? Een bank? Een groot internationaal bedrijf? De NOS? Een ROC? AH? Carré? Premier Rutte? De politie? Een woningbouwvereniging? De Surrenders? Een ziekenhuis? Welnee, gewoon de Nederlandse Spoorwegen.
Vanaf 2010 kan een treinreiziger twitteren met het onlinereputatiemanagement. Ik moest het woord zeker vijf keer hardop uitspreken voor ik er iets van begreep. “On-laijn-ree-puu-taa-tjie-menne-sje-ment”. Het blijkt een service van Tante Spoor om bozige passagiers een luisterend oor te bieden, om met verdrietigen mee te leven of om met wanhopigen een oplossing te zoeken als een machinist zich verslapen heeft. Of is het een manier om reputatie te krijgen? Ach, ach, Tante Spoor, een reputatie van de goede soort? Dat krijg je niet, dat verdien je.
Saillant detail, de medewerkers van deze dienst mogen nooit het woordje ‘vervelend’ gebruiken. “Het is een non-woord dat zijn hele lading kwijt is”, aldus medewerker Thomas in het artikel van dinsdag jl. in de Volkskrant. Híj heeft wel honderd manieren om ‘vervelend’ te zeggen. Ik ken er ook veel, maar met de beste wil van de wereld geen honderd.
Ik ken: netelig, onverkwikkelijk, verdrietelijk, tergend, klierig, flauw, klote, ellendig, miserabel, penibel, onverteerbaar, vermoeiend, zerp, klote, beroerd, lam, naar, zakkerig, onaardig, irritant, hinderlijk. Dit laatste woord gebruikt hij bij een situatie als een dame klaagt over koffers op de banken. “Mevrouw, wat hinderlijk.” Kijk, daar kom je ver mee.
Ondertussen is, binnen acht jaar tijd, deze klaag- en vraagbaak uitgegroeid van één medewerker naar een team van zeventig webcaremedewerkers, zij zijn dag en nacht bereikbaar, zeven dagen per week. Een explosieve groei.
Ik fantaseer redenen waaraan deze groei te danken is, naast het overvolle net, is er ook een leger aan oprukkende korte lontjes: de trein is te laat, te vies. Er is te weinig informatie. Het is te druk, er is te veel uitval. In de stilte coupé praten mensen, er is te kort aan zitplaatsen. De machinist vertrekt te vroeg of de bestemming is onbereikbaar.
Soms is het echt serieus.
Afgelopen zaterdag was het zover. Een steekpartij, een mes, een pistool, angst, verdriet.
Mijn bestemming leek onbereikbaar. De dames van de informatie op station Utrecht verscholen zich achter hun computer, de medewerkers op het perron vonden dat ik maar naar ‘opa’ terug moest. (Al was ik niet zo verbolgen geweest had ik op dat moment een bericht gestuurd naar het onlinereputatiemanagement.)
Tegen beter weten in, want niemand had goede raad, besloot ik een ommetje te maken, om vier keer over te stappen, om met horten en stoten tóch mijn doel van de dag te bereiken.
Het lukte. Mijn jarige zus kon ik net op tijd omhelzen en ook het presentje voor haar prachtige kleindochter, de Canadese Kaatje, in time afleveren.
Deze ‘oma’ keerde genoeglijk in de late uurtjes terug, alles volgens dienstregeling en zonder gram.
Of zal ik toch een berichtje sturen naar @NS_online?

Willie,
02-09-2018

Posted in Familie, Reizen | Reacties uitgeschakeld voor O N L I N E R E P U T A T I E M A N A G E M E N T

Grote Drie

Ineens is het er, het was er nooit.
Mijn nest zat mij nooit te wijd, toen mijn viertal de deur uitvloog.*) Zij gingen studeren, op kamers wonen of reizen maken, daarom verlieten zij het vertrouwde nest. Ik was zo trots op hen: zij waren zelfstandig. Ik had de overtuiging dat zij niet in zeven sloten tegelijk zouden lopen. Daarnaast viel er een last af, ik luisterde niet langer ongerust naar het gepiep van de achterdeur in nachtelijke uren. Ik vroeg me niet, elk uur van de dag, af wat zij uitspookten. Vol vertrouwen liet ik ze dus gaan. Mijn leven kreeg ruimte.

Ineens is het er, het was er nooit.
Dertien jaar geleden werd ik oma, de jaren daarna nog vele keren. Wat een geluk. Logeerpartijen volgden. Voorhanden in ons huis: poppen, serviesjes, driewieler, blokken en verkleedkleren. Stoepkrijt en oude treinkaartjes. Een fluit en een trommel. Knijpers en drie lakens. Rozijntjes en een sluitappeltje. Trechters en een vijzel. De ingrediënten voor dagenlang spelen bij opa en oma.

Ineens is het er. Mijn nest wordt te wijd. Goud gaf ik voor geritsel.
Zomer 2018. De oudste drie komen nu zelfstandig met de trein. Zij hebben, naast een spijkerbroek en een shirt, vooral hun digitale wereld ingepakt. Stiekem onderin de rugzak oude trouwe knuffels. Dat dan weer wel.
Zij vragen uitleg over zaken waar ik over na moet denken. Zij hebben meningen, schuren tegen volwassenheid aan, wisselen kiezen, dragen beugels en spreken een taal die ik niet herken. Zij hebben mijn maat schoenen. Ik moet reiken om te omhelzen. Zij kijken meewarig naar mijn gehannes met alle apparatuur, waarmee een moderne oma zich omringt om staande te blijven.
‘Oma, ik doe het wel even voor je.’
Maar ‘s avonds in bed komt het oude voorleesboek toch te verschijn.

Oma Willie,
26 augustus 2018

*) naar Judith Herzberg
“Goud gaf ik voor geritsel,
mijn nest zit mij te wijd (…)”

Posted in Kleinkinderen | Reacties uitgeschakeld voor Grote Drie

Beren

Wij zijn in de Pyreneeën. Vandaag staat een lange bergwandeling op het programma.
Terwijl ik de veters van mijn bergschoenen strik, valt mijn oog op een informatieboekje met de tekst:‘Les Pyrénées avec l’ours’. Een paar wolven in Nederland is tot daar aan toe, maar anno 2018 beren in Europa? Die zijn toch allang neergeknald door bezorgde burgers of opgefokte jagers? Op een oude foto zie ik bloemkransjes rond de oren van een gesneuvelde ours. Hoe teder. Het grote beest ligt op een kar, dorpsbewoners rijden met de buit een rondje om de kerk en laten de overwinngswijn rijkelijk stromen.
Nu lopen er weer beren, een paar gezinnetjes, gerekruteerd uit de bergen van Slovenië.
En wandelaars worden gewaarschuwd! Het mannetje bruine beer doet weliswaar ‘meestal’ niemand kwaad, maar als hij met zijn twee meter én driehonderd kilo mij de weg verspert, zal ik wel even slikken. Gelukkig geeft het boekje raad:’Blijf kalm en fluister lieve woordjes. Ga niet hollen en geef hem de ruimte’. Als wij toch in een gevaarlijke situatie belanden is er een telefoonnummer voorhanden. (‘Hè, Poeh, schuif eens een stukje op, wij willen er door, anders ga ik bellen hoor!’)
Bedremmeld vertel ik het mijn echtgenoot, hij haalt glimlachend zijn schouders op, wij gaan op stap en er zijn geen beren op onze weg.
Ik vond het bijna jammer.

Willie,
22 augustus 2018

Posted in Reizen | Reacties uitgeschakeld voor Beren

‘Tinnen’ echtgenoot

“Willie, heb je een jurkje bij je?”

Ingepakt:
Een tas met zwemkleding. Een tas met truien voor de koele avonden. Een opgerolde regenjas voor de onverwachte bui. Een klein valies met zonnekleding. Een plastic zak met sandalen/ slippers/ bergschoenen. Een krat vol keukenattributen, kruiden en ander lekkers om te dineren bij de tent. Een toilettas, een verbanddoos, opladers en aanverwante artikelen. Pasjes en paspoorten.
Tent en de servesleutel. Drop en chocolade als de kilometers gaan tellen. Slaapzakken, matjes, kussens en slopen. Haringen, touwen, schep en hamer. Hangmat en strandlaken. Nagelborsteltje voor vieze teennagels. De onvermijdelijke kurkentrekker.
Wel zeker, aan alles is gedacht.

Het is een frisse ochtend. De zon twijfelt nog even. Mist sluiert om de bergen en onze tent.

“Willie, heb je een jurkje bij je?”
“Uhh?”
“Iets sjiek of zo.”
“Kom op zeg, wij vonden elkaar ooit op het lemma kamperen.”
“Ja, maar ik bedoel, gewoon een jurkje, en misschien ook leuke schoenen?”
“Pardon? Verwacht Macron ons soms?”
“Niets onder in je tas?”
“Kamperen met jou heeft me geleerd om mijn boekenkast én mijn garderobe voor het grootste deel thuis te laten.”
“Serieus?”
“Laat maar. Terzijde, dat jurkje?”
“Geen probleem, we kopen er een en zoeken passende schoenen in Bilbao.”
“Want?”
“Ik heb een tafel geboekt in Chartres, daar gaan we de sterren van de hemel eten.”
Mijn ‘tinnen’ echtgenoot knipoogt, ik bloos.

Willie,
28 juli 2018

Posted in Perspectief | 1 Comment

Wiegen

Nee, voor de zomerse temperaturen was deze zomer de reis naar Frankrijk niet nodig.
Waarom hebben wij dan zoveel kilometers afgelegd, files getrotseerd en hoge cols ‘genomen’?
Het laat zich raden. Kinderen, grote en kleine. Vier in getal.

Net als in de winter, is ook in deze warme maanden voor de groten veel werk aan de winkel: sprankelende foto’s moeten geschoten, daarnaast hongerige magen van toeristen met pizza’s gevuld.

Tijdens de uren dat de vader en de moeder van huis zijn om de benodigde euro’s te verdienen, spelen en zwemmen, kietelen en praten, puzzelen en verven, dansen en kroelen, wandelen en zingen, stoeien en lezen, koken en verschonen, lachen en kijken, voeden en dollen, kammen en murmelen, fantaseren en spetteren, toneelspelen en verbieden, luisteren en kleien, veronderstellen en keutelen, schommelen en zwieren, vingerverven en schminken, tekenen en lezen, bouwen en scheppen, luisteren en troosten, rollebollen en springen, frutselen en bengelen, fluisteren en poetsen, spetteren en optillen, begrijpen, fluiten en dollen opa en oma uit Pays-Bas. De zorgzame vierjarige zus en haar montere babybroertje genieten.
Maar bovenal: opa en oma wiegen.

Willie,
l’Argentière la Bessée
25-07-2018

Posted in Kinderen, Kleinkinderen, Reizen | Reacties uitgeschakeld voor Wiegen