“Spectacle Max”

Er zijn verschillende soorten kleuters, maar ik ken er sinds de afgelopen weken eentje van de buitencategorie. Hij heet Max en hij is een “spectacle”.

Zijn bolle blonde Hollandse koppie kijkt fris en ondeugend de Franse wereld in.
Op zijn CV prijken reeds verschillende métiers: wielrenner, houthakker, bergklimmer, automonteur, tolk, afwasser, timmerman, schoonmaker, rijwielhersteller, koekenbakker, voetballer, grappenmaker en onderzoeker. Alle ambachten uitgevoerd met een onverzadigbare levenslust.
Soms is hij een beetje overmoedig, is er een open knie, een ferme snee of een blauwe plek, maar niet getreurd: Max beschikt over een ongebreideld optimisme.

Om dit leventje in goede banen te leiden, want elk beroep heeft zijn leermomenten, hebben zijn papa en mama de handen vol aan hun spectacle. Want het ene experiment is nog niet uitgevoerd, of het andere is bedacht. Als het te gek wordt is er een time-out op de trap. Natuurlijk is het dan huilen. Daarna buigt ie deemoedig het hoofd omdat zijn hersentjes dondersgoed weten wat wel en niet door de beugel kan.
Eenmaal terug op de ‘werkvloer’ bedenkt de kleuter gewoon wat nieuws. Totdat. Juist ja.

Doch, meer dan al zijn beroepen bij elkaar is hij knuffelaar, eentje met hoofdletters.
Tussen zijn “werkzaamheden” door heeft hij minder behoefte aan schaften, dan wel aan een kriebel in zijn nekkie.
Of wil hij kroelen op mijn oude velletje, het liefst met een liedje: ‘In jouw taal, oma’.
De eerste keer dat ik dit deze weken hoorde verslikte ik me in een slok wijn. Hoe oud helemaal is deze Max? Net drieënhalf? Subiet leer ik hem woorden die hem nóg ondeugender maken: snotterbel, broodje poep, flapperdeflap, smeerkees en gossimikke.

’s Avonds in bed, schoongewassen en haartjes gekamd vraagt mijn spectacle om een liedje met snotterbel.
Dubbel van de lach luistert hij naar de evengreen van Toon Hermans. “Notte Belle Margarinetta” verjaart nooit.

Als zijn luikjes over zijn blauwe kijkers vallen, kroel ik nog even in zijn knuistje.

l’Argentière-la-Besée
25 juli 2021

Posted in Kleinkinderen | Reacties uitgeschakeld voor “Spectacle Max”

Schoenen-soap

Dat artrose-pootje dus, heeft behoefte aan een andere schoen. Beetje steunend en stevig.
Laat de mode mij vandaag goed gezind zijn, pittige sneakers en sportschoenen in soorten en maten zijn te vinden in elke goede schoenenzaak.
Maar de orthopeed heeft een andere plannetje.
“Mevrouw, u moet orthopedisch schoeisel laten aanmeten. Dat kan bij de deur hiernaast.”
Zo gezegd, zo gedaan, en de site van deze ambachtelijke schoenmaker toont de meest elegante modelletjes.

Zes weken wacht ik in spanning of het afgietsel van mijn zere voet mooi is vertaald naar welke schoen ik heb uitgekozen.

“Kijk eens, mevrouw. Mooi Toch?” Triomfantelijk houdt een medewerker van het schoenenbedrijf twee kolossale schoenen omhoog.
“Ehh, mmmaar?”
“Ja, mevrouw, iedereen schrikt er de eerste keer van.”
“Mmmaar, ik heb andere uitgezocht, toch?”
“Nee, dit zijn ze. Past u ze gewoon, dan valt alles mee. De kleur klopt in elk geval.”
Gehoorzaam trek ik deze zevenmijlslaarzen aan, mijn verbazing stijgt. Zij lijken niet alleen te groot, zij zijn het ook nog.
“Meneer, dit werkt niet.”
“Kwestie van wennen, mevrouw. Anders doet u een paar extra sokken aan.”
“Kijk, ik kan ze niet eens strak aantrekken, want de schacht is veel te groot.”
“Tja, daar heeft u gelijk in. Weet u, we nemen ze mee terug naar de werkplaats, daar halen we er twee banen tussen uit.”
Goh, dus toch.

Twee weken later wandel ik opnieuw richting de schoenenman. (Overigens ben ik ondertussen voortreffelijk op de been geholpen door een fysiotherapeut.)
“Dag mevrouw, daar bent u weer. Nu moet het lukken.”
Ik schuif opnieuw met gemak, te veel gemak in de verkleinde exemplaren en zucht diep.
“Meneer, deze schoenen blijven dus te groot. Daarnaast zien ze er ook zo anders uit dan op jullie site. Ik voel me een clown en ik heb ook niets met minister de Jonge.”
“Probeert u ze een maand.”
“Nee, want dat wordt vallen, struikelen. Mijn tenen kunnen op zwemles, zoveel ruimte.”
“Mevrouw, dat hoort zo. U neemt ze mee. Ik zie u over een maand terug.”

Murw door zoveel “professionele” overmacht stop ik de zevenmijlslaarzen in mijn tas, zet ze thuis in de gang en bel de klachtenlijn van de verzekering.

Willie
8 juli 2021

Posted in Artrose | Reacties uitgeschakeld voor Schoenen-soap

“Om niet”

Het klopt als een bus of als een zwerende vinger, ik bedoel maar, het is waar.
Want, wanneer je eindelijk voorzichtig durft te vertellen aan goede bekenden, dat artrose een deel van je leven is geworden, plotsklaps iedereen ‘het’ heeft. Soms mooier nog, ‘het’ heeft gehad. Zoiets kan overigens niet, want je komt er nooit meer vanaf.
Als de beste toehoorder zelf de dans is ontsprongen, komt er altijd wel een oom, tante, buurman, een neef van de slager en daar de vriendin van, uit de hoge hoed tevoorschijn. Die hébben klachten. Nou nou nou. De mijne verbleken op staande voet. Vooralsnog denkt míjn voet daar anders over.

Gelukkig weet ook iedereen raad en vliegen oplossingen me om de oren. “Want bij die oom, tante, buurman, neef van de slager en daar de vriendin van, werkte het ook.”
Ik hou wijselijk mijn mond, terwijl ik zo graag, heel af en toe, stoom wil afblazen, eventjes vertellen dat mijn leven wat veranderd is. Dat ik (voorlopig) niet meer zo mobiel ben, dat uren wandelen en fietsen er (voorlopig) nog niet gaat lukken.
Ja, ik heb goede schoenen.
Ja, ik heb de goede medicijnen.
Ja, ik heb een fantastische fysiotherapeut.
Ja, ik heb een bergstok.
Ja, ik heb een breiwerk/boek/computer/tuintje en nog meer.
Ja, ik heb lieve kinderen/kleinkinderen.
Ja, ik heb lieve broers en zussen.
Ja, ik heb vrolijke vriendinnen, beste buren.
Ja, ik heb nog een pienter koppie.
Ja, ik heb power genoeg om een uur op pad te gaan.
Ja, ik heb de liefste man van de hele wereld.

Nou, wat zeur ik dan? “Om niet” dus?
Nee, omdat ik er mooi mee zit. Letterlijk.

Willie, 5 juni 2021

Posted in Artrose | Reacties uitgeschakeld voor “Om niet”

‘Je-weet-nooit’ spullen

Het is een exercitie die zijn weerga niet kent: wat blijft en wat mag het huis uit?
Nu de logeerpartijen van onze kleinkinderen van aard veranderen, geen theeserviesjes meer, maar op een middag theedrinken bij oma, moet en mag er geruimd.

Wat blijft zijn ‘je-weet-nooit’ spullen.
Maar tussen ‘je-weet-nooit’ of  ‘in-een-grote-tas’ voor het goede doel is een fragiele scheidslijn. Nog erger, het lijkt op een gordijn van de dunste vitrage. Doorzichtig, zodat een beslissing heroverwogen mag worden.

Die pop. Ging in de tas, zij mocht een andere poppenmoeder zoeken. Ik trok haar het mooiste jurkje aan, vlechtte twee vlechtjes en veegde haar toet. “Dag, je hebt hier zestien jaar je best gedaan, mijn poppenmoeders kijken nu niet meer naar je om. Te oud.”
Hoe het gebeurde, weet ik niet, maar de andere dag zat ze weer op het logeerbed. Met vlechtjes.

Die beer. Hij blijft, geen twijfel. Hij overleefde alle opruimsessies met gemak en dat verandert niet.

Die blokkendoos. Is een echte ‘je-weet-nooit’, misschien niet meer voor de kleinkinderen, maar vrolijk gekleurde houten blokken kunnen op veel manieren dienst doen. Terug in de kast.

Dat spijlenbedje. Wegwezen, niemand past er meer in, voor noodgevallen ligt op zolder een kampeerbedje. Ik sop de spijlen met lichte weemoed schoon.

Die koffer, jarenlang dé attractie van ons Gouda-huis, vol met ondefinieerbare attributen. Ook met oude sleutels, smurfen, een bril zonder glazen, een versleten portemonnee met treinkaartjes, een verschoten pet, een fornuisje, linker- of rechterhandschoenen in diverse kleuren, drie poppetjes van Playmobil, mijn eerste mobieltje, een triangel, een muziekdoosje, een zachte bal, een schepnetje en een afgedankte handtas. Verlopen pinpassen, een trechter, een zeef en afgedankte paspoorten. Oude lappen en knijpers.
Wat te doen? Ik neem de tijd, laat de hele rataplan door mijn vingers gaan. Alles ruikt naar kinderhandjes. Dezelfde kinderhanden die nu eindexamen doen of als een Razende Roeland berichten over de hele wereld verzenden. Of ze gamen of bezorgen kranten. Op zijn minst klikken zij zelfstandig hun favoriete film aan.

Een uur later gesp ik de koffer dicht en zet hem terug in de gangkast met de volledige inhoud. Hij staat niemand in de weg, toch?
Enne, ‘je-weet-nooit’.

Willie,
4 juni 2021

Posted in Kleinkinderen | Reacties uitgeschakeld voor ‘Je-weet-nooit’ spullen

Hemeltaart

“Oma, is dat lekker, hemeltaart?”
“Wat bedoel je?”
“Nou, mama zegt dat er deze week hemeltaart is.”

Misschien wil ik daarom nog wel heel, heel lang oma blijven, om woorden uit te leggen, die niet direct in eigentijdse kinderhoofdjes vallen.

“Hemelvaart is de dag dat Jezus naar de hemel ging.”
“Hoe kan dat nou, hij was toch dood?”
“Weet je, sommige dingen gebeuren in verhalen.”
“Dus het is niet waar van de taart, maar wel leuk. Net als bij Roodkapje?”

Oma zwijgt en knikt en eet een stukje taart.

Oma Willie,
Hemelvaart 2021

Posted in Kleinkinderen | Reacties uitgeschakeld voor Hemeltaart

Azijn

De rij bij de kassa is kort. Slechts twee klanten voor me: een pubermeisje met drie potjes nagellak, een oudere dame met een set poetsdoeken. Ik schuif aan om plaksel af te rekenen.
Het is maandagmiddag tien mei, twee uur: een hele middag en een hele week vrij in het vooruitzicht. Voor jeugd en voor ouderdom, want vakantie -en- met pensioen.

“Volgende klant.”
“Alsjeblieft.”
“Ohh, als je een vierde pakt, krijg je die gratis.”
“Mag ik er nog een halen?”
“Natuurlijk, ik wacht even.”

Het onwaarschijnlijke gebeurt, de grijze dame ontploft bijkans. Haar taal is anders dan haar keurig kapsel deed vermoeden.
Luid tot de caissière: “Wie denk jij wel dat je bent, om mij te laten wachten voor de meid, die zo nodig vier flesjes nagellak wil? Ik zou denken dat je eerst mijn poetsdoeken afrekent. De jeugd heeft geen enkel eerbied meer voor ons. TROUWENS, WAT IS JOUW NAAM?”
Zij kijkt achterom, in de hoop in mij een medestander te krijgen.

Ik kijk weg, op zoveel frustratie ben ik, met dat ene potje plaksel in mijn hand, niet voorbereid.

Het nagellakmeisje komt terug, rekent beduusd af en verlaat snel de winkel.

Het grijs is nog niet uitgeraasd. Opnieuw schalt er een tirade over klantvriendelijkheid en onbeleefd gedrag door de Hema.
Dát wordt mij teveel. Ik lap de regel van anderhalve meter aan mijn laars en tik haar op de schouder.
“Mevrouw, waarom bent u zo boos? Heeft u zo’n haast dan?”
“Nee, maar zoiets hoort toch niet? Míj laten wachten om een potje nagellak.”
“Weet u dat vriendelijk zijn gratis is? Ook als je ouder bent.”
Stilte.
Ik realiseer me dat mijn woorden paarlen voor de zwijnen zijn. Misschien komt er uit haar kraan azijn. Geen kruid tegen gewassen.
De poetsdoeken worden afgerekend, even later hoor ik haar winkelmandje met een bruuske klap op de stapel komen.

Ik leg de plakstift onder handbereik van de kassajuf.
“Dat is één euro. U wilt pinnen?”
“Graag”.
“Heeft u een klantenpas?”
“Jawel. Maar mijn hemel, wat een bijzondere klant was er net voor mij.”
“Mevrouw, u moest eens weten hoeveel keer dat per week gebeurt.”

Hulde aan alle jongens en meiden achter de kassa’s, die innemend en vriendelijk blijven.

Willie,
10 mei 2021

Posted in Verhalen | Reacties uitgeschakeld voor Azijn

Rust in de tent.

Vanaf 4 april, dit tweede corona jaar had ik er genoeg van. Ik wilde de wijde wereld weer in. Ook niet langer gebonden zijn -aan de mijzelf opgelegde opdracht- om elke dag een column te schrijven.
Tuurlijk, allemaal goed en aardig, het hield me scherp, maar ik miste de vrijheid van het fluitenkruid en de nachtegaal. Mooie metafoor, al zeg ik het zelf. Maar ja, corona hè.

Een gelukkig lot bracht mij voortijdig naar de vaccinatie-tent, dat betekende dat ik durfde af te tellen. Nog 17 dagen, nog 16, nog 15 ….. Tot vandaag. “Nog 1”.

Yeah! Vanaf morgen gun ik mezelf meer tijd voor een bezoekje hier of daar, een zó gemiste oppas, een wijntje en bitterbal met vriendinnen, maar bovenal een plekje onder de zon. Gewoon. Met de krant of niets.

Nu nog de tweede va-kanarie, zoals ik onlangs een peuter hoorde uitspreken. Ik ga ervoor.

Per vandaag dus, rust in de tent en slechts twee berichten per maand, zoals vanaf november 2005.

Ik ben geen Heintje Davids.

Willie,
22 april 2021

Posted in Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Rust in de tent.

Hartverwarmend. Nog 1 dag.

En tikje op mijn schouder. Ik zit op een bank, verdiept in een boek, op station Gouda en wacht tot mijn trein komt. Nog een keer getik, verbaasd kijk ik op. In deze tijd komen voorbijgangers gewoonlijk niet zó dichtbij.
Een vrouw van middelbare leeftijd met sliertige grijze haren, in een verschoten groene jas en met een te grote zwarte sjaal staat naast me en wil aandacht. Zij laat haar NS-pas zien, gebaart naar de ingang. Dan haalt zij haar schouders op, wijst naar het bord met de reisinformatie.
“Mevrouw, wat kan ik voor u doen?”
Geen antwoord, ik reken de eentonige klanken die zij uitstoot niet mee.
Zij wijst en gebaart opnieuw, probeert mij nogmaals iets te vertellen.
“U wilt naar Alphen aan de Rijn?”
Ineens loopt zij, met een onvaste tred, richting machinist, die net ten tonele verschijnt.
Hier hetzelfde gebarenspel. De man begrijpt ook niet wat zij wil uitbeelden.
Nu showt de dame weer haar kaart en wrijft haar duim en wijsvinger over elkaar.
“Of u betaald heeft? Welzeker, u bent toch door de poortjes gekomen?”
Haar schouders gaan weer omhoog, haar ogen draaien onrustig.
Dan gebeurt er iets onverwachts.
De machinist geeft haar een arm en zegt: ”Kom maar met mij mee. Ik breng u naar Alphen. Het is goed.” Op haar gemakschoenen krijgt zij een plekje in de eerste klas.

Hartverwarmend ten tijde van corona.

Willie,
21 april 2021

Posted in Corona, Reizen | Reacties uitgeschakeld voor Hartverwarmend. Nog 1 dag.

Nationale dagen. Nog 2 dagen.

Nationale dagen, er is niets ‘beschermds’ aan. Altijd dacht ik, dat het min of meer wettelijk geregistreerde dagen waren. Dat een soort commissie, achter heftig gesloten deuren, het hoofd boog over de relevantie van zo’n dag.
Dat wijze mannen en vrouwen, na veel veldwerk en het interpreteren van statistieken tot een slotsom kwamen: déze dag is belangrijk voor de maatschappij. Zoals bijvoorbeeld: Bloeddonordag, Nelson Mandeladag, Mantelzorgdag en Open Monumentedag.
Zo werkt het dus niet. Iedereen mag dagen claimen. En met een beetje geluk, de digitale wereld helpt een handje, word je bedachte dag een gelukstreffer.

Spagettidag, Koffiedag, Pannenkoekendag, Pindakaasdag, Handdoekdag of Wachtwoorddag. Wat moet een normaal mens ermee? Veelal gluurt commercie om de hoek, maar bij de Dag van Naakt Tuinieren of bij de Toplessdag liggen vast verschillende én andere belangen ten grondslag.

Overigens denk ik dat er ontzettend veel goede onderwerpen zijn, om extra aandacht voor te vragen, zeg maar om er even een dagje bij stil te staan.

Ik vind het jammer dat onnozele onderwerpen de boel vervuilen.

Willie,
20 april 2021

Posted in Corona, Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Nationale dagen. Nog 2 dagen.

Lummelen. Nog 3 dagen.

Vorige week, op 15 april, was het nationale Lummeldag. Wat men al niet verzint. Schijnt al zes jaar te bestaan, in 2015 bedacht door Marieke van Dijk van Springidee®. Het heeft haar geen windeieren gelegd. Haar coachingsbureau telt de centen.
Zij haalt er zelfs Leonardo da Vinci bij, de datum is namelijk niet zomaar. Hij zag het levenslicht op 15 april 1452, en de beste man heeft ooit gezegd: “Grote genieën presteren soms meer wanneer zij minder werken.”

Springidee® verkoopt cursussen om te leren lummelen, lanterfanten, flierefluiten, lapzwansen, luieren of slampampen. Het bureau geeft hiervoor SENSATIONELE tips: ga rommel opruimen, stofzuigen, wandelen, in de zon liggen, breien, kleuren, ramen lappen. In de tuin werken is ook een goed idee. Zolang je maar gedachteloos bezig bent. Want uit lummelmomenten dus, groeien de meest geniale gedachten.

Of dát klopt ga ik komende weken eens uitzoeken.

Willie,

19 april 2021

Posted in Corona, Perspectief | Reacties uitgeschakeld voor Lummelen. Nog 3 dagen.