Soms …

Woensdagmiddag, rond het middaguur ben ik bij een grote buurtsuper aan de rand van onze stad. Vooraan in de winkel liggen tientallen broodjes met warme worst, croissants en iets wat op saucijzen lijkt. Iets verderop staan bakken met zakken chips in alle denkbare soorten verleidelijk opgesteld. Logisch wat binnen een straal van een paar honderd meter zijn twee middelbare scholen gevestigd. “Pubers hebben altijd honger” (trek?) is in beton gegoten.
Maar elk voordeel voor de grutter heeft hier ook zijn nadeel, scholieren kunnen óók proletarisch winkelen.
Daarom staat er een flinke klerenkast bij de deur. Hij lijkt mij niet voor de poes.
Iedere klant krijgt een begroeting, de pubers incluis. Plots is er een voorval, ik bekijk en beluister het vanachter het schap met tientallen soorten hagelslag.

“Hé, brada, je hoodie af.”
“Zoek je fittie?”
“Nee, het is geen fatoe. JE HOODIE AF.”
Chill, man. Moeder heeft in de dom ook haar attie op. Elke zondag, weet je. Dan gaat ze bidden ofzo.”
“Kan wel wezen, maar het is hier geen dom, hier zijn andere regels. JE HOODIE AF.”

Met veel misbaar gaat de capuchon af, legt de brada zijn rugzak (verplicht) in een grote bak, met forse stappen beent hij de winkel in.

Even later staat hij voor me bij de kassa met een volkorenbrood brood en een halve liter havermelk.

Soms …

Willie,
29 januari 2026

This entry was posted in Perspectief, Taal. Bookmark the permalink.

Comments are closed.